Wie een zijden kussensloop of slaapmasker zoekt, krijgt al snel een rijtje termen te zien: moerbeizijde, een getal met momme erachter, grade 6A, charmeuse. Het klinkt technisch, en vaak lijkt het alsof een hoger getal of een extra letter vanzelf beter is.
Hieronder lees je wat die woorden betekenen, wat ze wel en niet zeggen over een stof, en wat je zelf kunt controleren.
Wat moerbeizijde is
Zijde is een eiwitvezel. Een zijderups spint één lange, doorlopende draad om er een cocon van te maken. Die draad bestaat uit twee filamenten van het eiwit fibroïne, bij elkaar gehouden door een natuurlijke lijm: sericine. Bij de verwerking wordt die lijm doorgaans verwijderd.

De belangrijkste soort is de gedomesticeerde zijderups Bombyx mori. Die wordt grootgebracht op blad van de moerbeiboom, en daar komt de naam moerbeizijde vandaan. Eén cocon levert een draad van ongeveer 600 tot 1500 meter, waarvan het grootste deel kan worden afgewikkeld tot garen.
Daarnaast bestaat er tussahzijde, soms wilde zijde genoemd. Die komt van andere soorten nachtvlinders en is donkerder van kleur. Moerbeizijde zegt dus iets over de herkomst van de vezel, niet over hoe goed de stof geweven en afgewerkt is.
Momme: een maat voor gewicht, niet voor dikte
Momme is een traditionele eenheid uit de zijdehandel. Het getal staat voor het gewicht in ponden van een stuk stof van 45 inch breed en 100 yard lang. Omgerekend is één momme ongeveer 4,34 gram per vierkante meter. Een stof van 20 momme weegt dus zo'n 87 gram per vierkante meter.
Hoe hoger het getal, hoe zwaarder elke vierkante meter stof. Een zwaardere stof is doorgaans dichter en steviger, en gaat daardoor vaak langer mee. Dikker is ze daardoor niet per se.
Welke getallen je tegenkomt
Textielleverancier Dharma Trading deelt zijde grofweg zo in: onder de 20 momme is licht, van 20 tot 28 momme middelzwaar, en daarboven zwaar. Charmeuse wordt gemaakt in een breed bereik van ongeveer 12 tot 30 momme.
Bij kussenslopen en slaapmaskers kom je in de praktijk vooral getallen uit het lichte en middelzware deel van die schaal tegen. Vergelijk ze het liefst tussen stoffen met dezelfde binding. Over de kwaliteit van het garen en de afwerking zegt het getal niets.

Grade 6A: wat zo'n klasse wel en niet zegt
Aanduidingen als A, 4A of 6A komen uit de beoordeling van ruwe zijde: het garen dat van de cocons is afgewikkeld, nog voordat er stof van wordt geweven. Volgens een handleiding van de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties, wordt ruwe zijde getest volgens procedures van de International Silk Association (ISA). Er wordt onder meer gekeken naar hoe gelijkmatig, hoe schoon en hoe netjes de draad is. De zwakste uitslag op die hoofdtests bepaalt de klasse.
Er bestaat niet één schaal. De FAO-handleiding noemt voor de ISA-norm de klassen 4A tot en met B, en voor een Japanse methode 5A tot en met D. De Chinese norm GB/T 1797-2008 voor ruwe zijde loopt van 6A, de hoogste klasse, via 5A, 4A, 3A en 2A naar A en lager.
Zo lees je zo'n claim
Staat er grade 6A bij een kussensloop, dan hoort die claim te gaan over het ruwe garen waar de stof van is gemaakt, niet over de stof zelf of het naaiwerk. Thuis kun je dat niet nagaan, maar deze vragen helpen:
- Volgens welke norm is de klasse bepaald?
- Is er een testrapport of certificaat van het garen beschikbaar?
- Hoort een losse letter als A, B of C bij een erkende norm, of is het een eigen indeling van de verkoper?
Charmeuse: een glanzende en een matte kant
Charmeuse is een meestal lichte stof in een satijnbinding. De voorkant is glad en glanzend, de achterkant mat. Bij een satijnbinding lopen de draden aan de voorkant over meerdere kruisende draden heen. Daardoor wordt licht minder verstrooid en weerkaatst de stof het sterker. De glans komt dus voor een groot deel uit de binding.
Charmeuse kan van zijde zijn, maar ook van polyester of viscose. Een mooie glans is daarom geen bewijs dat je zijde in handen hebt.
Zijde of satijn
Zijde is een vezel. Satijn is een binding, een manier van weven. Wordt die binding geweven met lange filamentgarens zoals zijde, polyester of nylon, dan heet de stof satijn. Staat er alleen satijn op een product, dan kan dat zijde zijn, maar net zo goed polyester.
Kijk daarom naar het etiket. In de EU moet op textiel staan uit welke vezels het bestaat, met de officiële vezelnamen uit de textielverordening. De naam zijde is daarin gereserveerd voor vezels die uitsluitend afkomstig zijn van zijdevoortbrengende insecten. Ook tussahzijde heet op het etiket dus gewoon zijde. Polyester heeft een eigen naam. Een aanduiding als 100% mag alleen als het product volledig uit één soort vezel bestaat. Koop je online, dan moet je de samenstelling al vóór je bestelling kunnen zien.
Zelf controleren: vier eenvoudige checks
- Lees de samenstelling. Zoek naar de vezelnaam zijde, liefst met een percentage erbij. Woorden als satijn, silky of zijdezacht zeggen niets over de vezel.
- Bekijk beide kanten. Een glanzende voorkant en een matte achterkant wijzen op charmeuse of een andere satijnbinding. Dat vertelt je iets over de binding, niet over het materiaal.
- Vraag door. Hoeveel momme is de stof, en volgens welke norm is een eventuele grade bepaald?
- Voel, maar trek geen harde conclusies. Hoe een stof aanvoelt is persoonlijk, en ook polyestersatijn kan glad en glanzend zijn.

De brandproef: liever overslaan
Je leest soms dat je zijde herkent door een draadje te verbranden. Zijde brandt langzaam, dooft vaak vanzelf zodra je de vlam weghaalt, ruikt naar verbrand haar en laat een zacht, brokkelig restje achter. Polyester smelt en brandt, druppelt, geeft zwarte rook en vormt een hard zwart bolletje.
Toch raden we het af. Je werkt met open vuur, en de dampen van brandend textiel adem je liever niet in. Bij gemengde stoffen is de uitkomst niet betrouwbaar, en ook het Canadian Conservation Institute ziet een brandproef alleen als aanvullende test, niet als bewijs.
Wil je het toch doen, gebruik dan alleen een draadje dat al los is gekomen, nooit de stof zelf. Let wel: een los draadje uit een naad kan naaigaren zijn, en dat hoeft niet van dezelfde vezel te zijn als de stof. Doe het buiten of bij een open raam, houd het draadje vast met een lang pincet boven een onbrandbaar schaaltje, en zorg dat er water binnen handbereik is.
Zijde goed verzorgen
Volgens het Canadian Conservation Institute wordt zijde aangetast door sterke logen en chloorbleek, en vergeelt en verzwakt ze onder invloed van zonlicht.
In de praktijk betekent dat: een mild wasmiddel, geen bleekmiddel en laten drogen uit direct zonlicht. Volg altijd het waslabel van je product.
Tot slot
Moerbeizijde vertelt je van welke rups de vezel komt. Momme gaat over gewicht. Een grade zegt iets over het ruwe garen, en charmeuse over de binding. Het etiket vertelt je uit welke vezel de stof bestaat.
Benieuwd hoe wij onze eigen stoffen beschrijven? Bij onze zijden kussenslopen vind je per product de materiaal- en wasinformatie. Vragen over de stof mag je ons altijd stellen.
Bronnen
- Canadian Conservation Institute: Natural Fibres (CCI Notes 13/11)
- Canadian Conservation Institute: The Identification of Natural Fibres (CCI Notes 13/18)
- FAO: Silk reeling and testing manual, introduction
- FAO: Silk reeling and testing manual, characteristics of the cocoon
- FAO: Silk reeling and testing manual, raw silk testing
- GB/T 1797-2008 Raw silk: omschrijving van de norm
- Dharma Trading Co.: Fabric weight (momme)
- Wikipedia: Units of textile measurement (momme)
- Wikipedia: Charmeuse
- Wikipedia: Satin
- Europese Commissie: FAQ over textielverordening (EU) nr. 1007/2011
- Verordening (EU) nr. 1007/2011 (geconsolideerde tekst), bijlage I: lijst van vezelnamen
- Sewing & Craft Alliance: Identifying fibers and fabrics (brandproef)
Zijden kussensloop